Bijzondere omgangsregelingen

In de regel denkt men bij een omgangsregeling (in de wet staat eigenlijk 'zorg- en contactregeling') aan de omgang tussen de niet verzorgende ouder die de kinderen gedurende een weekend per 14 dagen bij zich ontvangt en meestal ook gedurende een gedeelte van de feestdagen en de vakanties. Er zijn ook andere omgangsregelingen denkbaar.

Laatst stond ik een cliënte bij die een omgangsregeling wilde met haar kleinkind. Gedurende een periode van jaren had zij intensief voor haar kleinkind gezorgd, opgepast terwijl de ouders werkten en ook gedurende de weekenden van alles gedaan. Helaas werd op enig moment het contact verbroken en daarmee ook de band die cliënte met haar kleinkind had opgebouwd. Zij vroeg toen de Rechtbank een omgangsregeling vast te leggen. De Rechtbank wees dit verzoek echter helaas af omdat zij de band tussen grootouder en kind niet hecht genoeg achtte en er niet méér was gesteld dan dat er 'normale' grootouder-kleinkind' dingen werden gedaan en niets anders waardoor de rechtbank wel een reden zou kunnen hebben wel een omgangsregeling vast te leggen. Spijtig voor cliënte, helaas speelde hierbij ook een rol dat het vertrouwen tussen grootouder en ouders ernstig was geschaad en het kind daar ernstig last van zou kunnen hebben. Er zijn echter ook situaties bekend, waarin een dergelijk verzoek wel werd toegewezen.

Andere omgangsregelingen die hierop voortborduren zijn bijvoorbeeld de omgangsregeling tussen een ex-stiefouder en ex-stiefkind en bijvoorbeeld tussen ooms/tantes en nichtjes/neefjes of tussen pleegouders en pleegkinderen. Een ander voorbeeld is de omgangsregeling tussen het kind en de ouder die in het buitenland verblijft.

Zo stond ik een keer een ouder bij die gescheiden was en met haar twee kinderen in Nederland woonde. De vader van de kinderen, de ex-man van cliënte, wilde naar Zuid-Amerika emigreren en vroeg de Rechtbank om een omgangsregeling waarbij de kinderen naar Zuid-Amerika zouden vliegen (in de kerstvakantie en in de zomervakantie) en de omgang daar plaats kon vinden. Mijn cliënte had daar grote moeite mee. Omdat de man ging emigreren, had hij sowieso natuurlijk erg weinig contact met de kinderen en had de vrouw de grootste zorg. Zij achtte het daarom meer in het belang van de kinderen de omgang in Nederland te laten plaatsvinden. Het betrof bovendien erg jonge kinderen (2 en 6 jaar oud), de oudste zou wellicht onder begeleiding van het luchtpersoneel alleen hebben kunnen vliegen maar voor de jongste gold dat zeker niet. Wanneer moeder zelf mee zou moeten reizen, zou zij daar haar tijd moeten doden, bovendien weigerde vader de kosten van het vliegticket van moeder te voldoen. Vader stapte naar de Rechtbank. De Rechtbank verklaarde in haar uitspraak (na de Raad voor de Kinderbescherming om advies te hebben gevraagd) dat de man best omgang met zijn kinderen mag hebben maar dat deze omgang dan wel in Nederland moet plaatsvinden.
De Rechtbank overweegt voorts dat het meer in het belang van de kinderen is wanneer zij in Nederland omgang met hun vader hebben. De hechtingsband met moeder is zeer sterk nu vader naar Zuid-Amerika is vertrokken. Daarnaast is het vader zelf geweest die de keuze heeft gemaakt naar Zuid-Amerika te vertrekken en dat bemoeilijkt de situatie voor de omgangsregeling. Voorts geeft de Rechtbank aan dat de Raad voor de Kinderbescherming heeft benadrukt dat het meer in het belang van vader dan van de kinderen zelf zou zijn indien de kinderen naar Zuid-Amerika af zouden moeten reizen. Voor de kinderen is een veilige omgeving van belang en die is voor hen niet gelegen in Zuid-Amerika. Als de kinderen groter zijn dan kan omgang eventueel wel in Zuid-Amerika plaatsvinden.
Een laatste voorbeeld van een bijzondere omgangsregeling betreft de omgangsregeling van kinderen met ouders die gedetineerd zitten.
Het is niet altijd gemakkelijk om hierover advies te geven, en het hangt in de meeste gevallen van de mensen zelf af (zowel van degene die niet als degene die wel gedetineerd zit) hoe er mee wordt omgegaan. Daarnaast speelt natuurlijk de leeftijd van het kind een rol en de duur van de detentie. De wetgever heeft het heel belangrijk gevonden dat een omgangsregeling geldt, de wet schrijft voor dat omgang in principe moet. Er zijn echter een paar uitzonderingen denkbaar.
Omgang wordt ontzegd indien:
-    omgang ernstig nadeel oplevert voor de geestelijke of lichamelijke ontwikkeling van het kind,
-    de ouder kennelijk ongeschikt of kennelijk niet in staat moet worden geacht tot omgang, of
-    het kind dat twaalf jaar of ouder is, bij zijn verhoor van ernstige bezwaren tegen omgang met zijn ouder heeft doen blijken, of
-    omgang anderszins in strijd is met zwaarwegende belangen van het kind

Meestal wordt de omgangsregeling gestopt gedurende de periode dat iemand in detentie verblijft in verband met hetgeen hierboven onder het eerste gedachtestreepje staat genoemd. Omgang tijdens detentie levert te veel spanningen en onrust op voor een kind dat het niet goed is voor de geestelijke ontwikkeling van een kind om daarmee door te gaan.

Wel kan van de ouder bij wie het kind zijn plaats van hoofdverblijf heeft (de ouder die niet gedetineerd is) worden verlangd dat hij zij de ouder die wel gedetineerd zit informeert over het kind, door het bijvoorbeeld kopieën van schoolrapporten toe te zenden en eens in de zoveel tijd een foto toe te zenden. De meeste gedetineerden leggen zich neer bij het tijdelijk stopzetten van de omgangsregeling, wat ook vaak gebeurt op advies van de Raad voor de Kinderbescherming dan wel Bureau Jeugdzorg die bij de zaak worden betrokken.

Een enkele keer komt het echter voor dat de gedetineerde zelf om voortzetting van de omgangsregeling vraagt, zij het in een andere duur en vorm, bijvoorbeeld een uur per maand.
De Rechtbank zal dan onderzoeken of de omgangsregeling de geestelijke ontwikkeling van het kind niet zal schaden en regelmatig wordt de Raad voor de Kinderbescherming gevraagd een onderzoek te doen naar de eventuele haalbaarheid van een dergelijke omgangsregeling.

Tot slot nog iets heel anders: op 10 juni 2012 vindt de Maasdijkmarathon plaats. Ik ga zelf de halve marathon lopen, wie weet komen jullie me tegen! Voor alle lopers en andere sportieve deelnemers: heel veel plezier en succes toegewenst!

mr. Linda van Putten,
Van Zandvoort & Lauwen Advocaten Oss

Written by Linda van Putten